Minister Koolmees publiceert Uniforme Rekenmethodiek

25 apr 2018

869

Leestijd 3 minuten

Minister Koolmees publiceert Uniforme Rekenmethodiek

Op maandag 23 april heeft minister Koolmees de langverwachte uniforme rekenmethodiek gepubliceerd. Daarmee is een belangrijke stap gezet in de verbetering van de communicatie met deelnemers.

Scenario's gebaseerd op uniforme rekenmethodiek

Een belangrijk doel van de Wet Pensioencommunicatie is dat deelnemers inzicht krijgen in het pensioen dat zij mogen verwachten en begrijpen welke risico’s en onzekerheden hierbij behoren. Als gevolg daarvan is reeds per 1 juli 2015 in de Pensioenwet opgenomen dat een te bereiken pensioen in drie scenario’s (pessimistisch, verwacht en optimistisch) moet worden gecommuniceerd. Door de scenario’s te baseren op een uniforme rekenmethodiek (URM), die dus voor alle pensioenuitvoerders hetzelfde is, wordt bewerkstelligd dat deelnemers uitkomsten van verschillende uitvoerders kunnen vergelijken en eventueel kunnen optellen. Over de precieze invulling van de URM is echter lang gediscussieerd. Aan die discussie is gisteren een einde gekomen met de door minister Koolmees gepubliceerde ministeriële regeling.

Verplichting vanaf 1 januari 2019

Deze regeling kan vanaf 1 juli 2018 gebruikt worden voor het vaststellen van de risicohouding. Vanaf 1 januari 2019 is het verplicht een methodiek uit deze ministeriële regeling voor de vaststelling van de risicohouding te gebruiken. De weergave van ouderdomspensioen in scenario’s is verplicht vanaf een bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstip. Vanaf dat tijdstip worden de in deze regeling opgenomen rekenregels dus ook gebruikt voor de weergave van ouderdomspensioen in scenario’s op onder meer de UPO’s en/of in het pensioenregister.

Drie methodieken

Feitelijk zijn er drie methodieken vastgesteld. Twee daarvan hebben betrekking op uitkeringsovereenkomsten. Pensioenuitvoerders mogen kiezen welke zij hanteren. De derde methodiek dient verplicht gehanteerd te worden bij premieovereenkomsten. Voor premieovereenkomsten geldt dat de URM ook de basis is voor de vaststelling van de risicohouding.

Voor alle methodieken geldt dat er gebruik gemaakt wordt van een paar duizend toekomstscenario’s met prognoses voor diverse zogenoemd sleutelvariabelen, zoals de ontwikkeling van de rente, rendementen en inflatie. De scenario’s worden elk kwartaal door de Nederlandsche Bank gepubliceerd en zijn gelijk aan of consistent met de scenario’s die nu al worden gehanteerd bij de haalbaarheidstoetsen die jaarlijks door pensioenfondsen moeten worden uitgevoerd.

Nog onduidelijkheden

Hoewel de URM nu vastgesteld is, zijn er ook nog wel onduidelijkheden. Zo wordt er bijvoorbeeld gediscussieerd over de manier waarop de uitkomsten moeten worden gepresenteerd. Minister Koolmees heeft hier begin februari een voorzet voor gegeven middels een brief aan de Tweede Kamer waarin hij de navigatiemetafoor introduceert. De pensioenbedragen worden hierbij gepresenteerd in één beeld waarbij de bedragen worden berekend volgens een verwacht, een optimistisch en een pessimistisch scenario. In deze navigatiemetafoor wordt uitgegaan van een te tonen reëel netto inkomen inclusief de AOW. Vanuit de sector zijn hier echter nog wel wat kanttekeningen bij geplaatst. Ook is nog discussie over waar de scenario’s moeten worden getoond.

TKP zit er bovenop

TKP volgt de ontwikkelingen rondom de URM nauwlettend en neemt in sommige gevallen ook actief deel aan eventuele discussies. Op basis van conceptteksten zijn al analyses uitgevoerd om te bekijken wat de gevolgen voor ons en onze klanten zijn. Met de publicatie van de ministeriële regeling kunnen deze analyses verder uitgewerkt worden. Samen met onze klanten zullen we vervolgens bekijken hoe we het beste invulling kunnen geven aan het uiteindelijke hoofddoel, zijnde een goede begeleiding van de deelnemers.